De Tweede Kamer wil dat steun in groepen, waarin mensen met vergelijkbare ervaringen elkaar helpen, een vaste plek krijgt in de zorg. Een motie van PRO-Kamerlid Lisa Vliegenthart, die de regering oproept ‘succesvolle vormen van groeps- en lotgenotenondersteuning structureel te borgen en [..] toegankelijk te maken’, kreeg steun van een meerderheid van de partijen.
Steun bieden voordat problemen verergeren
Dokters van de Wereld organiseert al jaren zulke groepsbijeenkomsten voor mensen met psychische klachten, onder wie veel mensen met een vluchtverleden. Het idee erachter is eenvoudig: wie iets ergs heeft meegemaakt, heeft vaak veel aan anderen met soortgelijke ervaringen. Door samen te praten en elkaar te steunen, gebruiken mensen de kracht die in hun eigen gemeenschap zit om met verdriet en trauma om te gaan.
Wie psychische hulp nodig heeft, moet vaak maanden wachten op een afspraak bij een psycholoog of psychiater. In die tijd kunnen klachten verergeren. Mensen raken sneller hun werk, hun opleiding of hun sociale contacten kwijt, en uiteindelijk heeft dat gevolgen voor ons allemaal. Groepsbijeenkomsten zijn laagdrempelig en kunnen snel beginnen. Zo krijgen mensen al steun voordat hun problemen groter worden, en blijft de gespecialiseerde ggz beschikbaar voor wie acute zorg nodig heeft.
Eerder hulp, minder druk
‘Mensen kunnen steun vinden bij elkaar en elkaar juist sterker maken’, zegt Ossama Abu Amar, die de groepsbijeenkomsten namens Dokters van de Wereld organiseert. Hij benadrukt hoe belangrijk het is dat de begeleiders ervaringsdeskundig zijn en de taal en cultuur van de deelnemers kennen. ‘Hierdoor krijgen mensen meer zelfregie en kunnen we tegelijkertijd de druk op de specialistische ggz wat verlichten.’
Dokters van de Wereld pleit al langer bij politici en beleidsmakers voor een bredere inzet van groepsinterventies. Nu verwijst de huisarts bij psychische klachten vaak meteen door naar een ggz-specialist. Maar hulp in de eigen buurt of gemeenschap, zoals contact met lotgenoten, is laagdrempeliger en kan voorkomen dat klachten erger worden. Dat is goed voor mensen zelf, en het ontlast een geestelijke gezondheidszorg die al onder grote druk staat.
De aangenomen motie in de Tweede Kamer is voor ons een belangrijk signaal. Nu is het aan de regering om groepsondersteuning ook echt een vaste en bereikbare plek in de zorg te geven.